Oorspronkelijke Kamhoenders
Op deze pagina heb ik de omschrijving van de kamhoenders gezet.
Over het algemeen is maar een klein aantal liefhebbers in het bezit van deze mooie dieren.
Het zijn echt wilde hoenders, en zo gedragen zij zich ook.
Het is dus echt een must voor de meer ervaren liefhebbers.
Algemene omschrijving wilde kamhoenders:
Wilde kamhoenders zijn slanke sierlijke wilde hoenderachtige die zeer nauw met verwant zijn met fazanten en die nog steeds in hun natuurlijk biotoop in Azië voorkomen. Ze vertonen een in de vogelwereld uniek kenmerk, namelijk een vlezige uitwas centraal en longitudinaal op de kop: de kam. Vandaar ook de Nederlandse benaming "kamhoenders". De engelse benaming "Junglefowl" verwijst dan weer naar hun biotoop en verspreidingsgebied. Bij iedere soort heeft de haan een eigen specifieke kamvorm. Er zijn 4 soorten bekend die allen hun eigen kenmerken en karakteristieken hebben:
- het rode kamhoen (Gallus gallus)
- het Sonnerathoen (Gallus sonneratii)
- het Lafayettehoen (Gallus lafayetii)
- het groene Javahoen (Gallus varius)
|
Sonnerathoen man en vrouw
|
Sonnerathoen man | Sonnerathoen (Gallus sonneratii)
Hier valt vooral het halsbehang van de hanen op. De lange grijze nekveren dragen naar hun uiteinde toe lakplaatjes die witachtig tot oranje van kleur zijn. Voor de rest is het lichaam zwart en grijs, met een aantal opvallende roestkleurige veren. De kam is bij deze soort kleiner en ondieper ingesneden. Het Sonnerathaan heeft een klein en ondiep getande rode kam, rode gezichtshuid en keellellen. De halsveren zijn lang, zwart met grijze zomen, die boven de punt twee tot drie witachtige hoornplaatjes dragen, die aan de punt geel tot oranje van kleur zijn. De lancetvormige veren van het onderlichaam zijn zwart met witte schachtstrepen en lichtgrijze zomen. Bij de flanken zijn de hanen roestrood van kleur. Het ruggevederte is purperzwart met witte schachten en smalle grijze zomen. De lange veren op de stuit hebben roestrode punten en grote gele en witte hoornplaatjes. De staart is glanzend purperzwart, de vleugdekveren hebben zwart met witte schachten en lange roestgele hoornpunten. De overige vleugeldelen zijn zwart, de ogen geeloranje, de snavel is hoornzwart met een geelachtige punt en een gele ondersnavel, de poten zijn geel tot lakrood. De totale lengte is 70-80 cm., de vleugels zijn 22-22,5 cm., de staart is 33-39 cm. Het gewicht is ca. 740-1130 gram. De hennetjes hebben een bruine rugkleur en een mooie witbruine gezoomde borsttekening. Het Sonnerathoen vinden we op het Indiase schiereiland, ten westen van de Godavari-rivier. De hen is bruin met rode schachtlijntjes aan de bovenkop, het gezicht is lichtbruin, de halsveren hebben een izabelkleurig centrum, zwarte lijntjes en bruine zomen, de mantel is fijn lichtbruin en zwart gesprenkeld met witachtige isabelkleurige en zwartgezoomde schachtstrepen. De vleugels zijn zwart en bruin gesprenkeld; de buitenste staartpennen en de grote slagpennen zijn dof zwart, de keel is isabelwit; de borstveren zijn wit met brede zwarte of bruine zomen. De flanken zijn bruinachtig gezoomd. Het onderlichaam is licht isabelkleurig; de ogen zijn geeloranje, de snavel is hoornzwart met een geelachtige punt en een gele ondersnavel, de poten zijn geel tot lakrood. Totale lengte 38 cm.; vleugels 20-21,5 cm., staart 13-17 cm., gewicht 700-800 gram.
|
Lafayettehoen (Gallus lafayettii)
|
De hanen van deze soort vallen onmiddellijk op door hun grote ovale zwakgetande kam, die rood gekleurd is met een helgele vlam erin. De hanen hebben een rode onbevederde gezichthuid, keel en keellellen. Midden tussen de twee kinlellen draagt deze soort een kleine derde lel, eveneens rood van kleur. Het lichaam is geel tot oranje en blauw gekleurd. De hennetjes zijn bruin op de rug, zij het wat lichter dan de vorige soort. Opvallend is hier de duidelijke bloktekening op de vleugels. Het Lafayettehoen wordt enkel aangetroffen op Sri Lanka.De haan heeft roodachtige kopveren en roodgele zeer lange halsveren met brede oranjerode zomen en zwarte schachtstrepen. De rug en de kleine vleugeldekveren zijn eveneens roodoranje gekleurd. De veren op de stuit en van het zadelbehang zijn purperviolet van kleur. De andere vleugelveren zijn zwart-violet, even als de staart. De kleine staartdekveren zijn smal rood gezoomd. De borst kent lange smalle veren, die meer roodachtig zijn dan op de rug. De ogen zijn geel en de snavel is hoornachtig van kleur. Ook de poten zijn geel. De haan is 66-72 cm. lang, de vleugels zijn 22-24 cm en de staart is 23-40 cm. Het gewicht bedraagt ongeveer 635-1135 gram. De hen heeft bruine kopveren met licht isabelkleurige schachtstrepen en geelachtige zomen. De hals, rug en staartdekveren zijn roodachtig isabelkleurig met een zwart tekening. De vleugels zijn wat donker en hebben lichte isabelkleurige en roodachtig bruine dwarsstreepjes. De staart is roodbruin met zwarte dwarsbanden en een fijne zwarte streeptekening. De keel is dof isabelkleurig en de borst en de flanken zijn roodbruinig met een fijne zwarte tekening. Deze veren kennen een zoming en een brede witte middenstreep De buik is witachtig. De ogen zijn matgeel en de snavel is hoornbruin. De poten zijn bruingeel van kleur. De lengte van de hen is ongeveer 35 cm.; de vleugels 17-18 cm en de staart 11 cm. De kuikens lijken op die van het rode kamhoen, echter de markeringen zijn donkerde. De banden aan de zijkanten van het hoofd en de nek zijn zwartachtig. Juveniele vogels lijken op de hen, echter de hanen hebben gele nekveren met een zwarte schachtstreep. De bovenkant is gemixed met rood. De borst kastanje rood en de buik dof zwart. Jonge hanen komen pas in hun tweede levensjaar volledig op kleur. De éénjarige hanen hebben geelgezoomde zwarte halsveren, een roodachtig gekleurde borst- en zwarte buikveren. Verspreiding Het Lafayettehoen wordt enkel aangetroffen op het eiland Sri Lanka. De soort komt in geheel Sri Lanka voor.
|
| ========= Bron: https://ejfg.wpa-benelux.info/nl/introductie_wilde_kamhoenders.html ==========
|
groene Javahoen (Gallus varius) De hanen van deze soort hebben een grote, ongetande kam en slechts één keel-lel die rozerood, blauw en geel gekleurd zijn. Het lichaam is zwart gekleurd met een groen halsbehang. De onbevederde gezichtshuid is rood, de schubachtige hals- en bovenrug veren zijn zwart met een drievoudige blauwe, groene en zwarte zoming. De lange onderrugveren en stuit zijn zwart met bronsgroene glans en smalle gele zomen. De uit 16 pennen bestaande staart is zwart met staalblauwe en erwtgroene metaalweerschijn. De sterk verlengde en draadvormige smalle vleugeldekveren zijn zwart met brede oranjerode zomen, de overige vleugeldelen en het onderlichaam zijn zwart. De ogen zijn geel, de snavel is hoorngeel, de poten witachtig tot lichtrood. Totale lengte 70 cm, vleugels 22-24,5 cm, staart 32-33 cm. De hennetjes vallen op door hun slanke bouw en hun kaneelbruine lichaamskleur. Het groene Javahoen wordt enkel aangetroffen op Java en oostwaarts op de naburige eilanden. De hen is bruin aan de kop, glanzend bruinzwart met bleekgele schachtstrepen en duidelijke zomen van dezelfde kleur, waardoor een schubtekening ontstaat. De staartpennen zijn zwart met geelbruine en metaalglanzende donkere vlekken aan de randen. De keel is wit, de borst bleekbruin met zwartachtige gezoomde veren, de buik is grijs tot roodachtig bruin, min of meer zwart gesprenkeld. De ogen zijn geel, de snavel is hoorngeel, de poten zijn grijswit tot geelroodachtig. Totale lengte 40 cm, vleugels 19,5 cm, staart 11,4 cm.
|
|